Havep / van Puijenbroek

Eerlijke Kleding

Fair Wear Foundation
De Fair Wear Foundation (FWF) zet zich als stichting in voor goede arbeidsomstandigheden in de kledingproductie.
Van Puijenbroek Textiel is sinds 2004 deelnemer van de Fair Wear Foundation (FWF).
Deelnemers van FWF werken aan het verbeteren van de arbeidsomstandigheden in fabrieken waar zij kleding produceren, overal ter wereld. De basis van samenwerking tussen FWF en een deelnemer is de Gedragscode. Acht arbeidsnormen vormen de kern van de Gedragscode. Deelnemers van FWF moeten de Gedragscode naleven.

Deze acht arbeidsnormen zijn:
1. Vrije keuze van arbeid
Er zal geen gebruik gemaakt worden van dwangarbeid, waaronder gedwongen arbeid ter aflossing van een schuld of gevangenisarbeid (ILO Conventies 29 en 105).

2. Geen discriminatie van werknemers
Bij het aannamebeleid, loonbeleid, de toegang tot opleidingen, het promotie-beleid, de
beëindiging van de arbeidsrelatie, de pensionering en ieder ander aspect van de
arbeidsrelatie zal sprake zijn van gelijke kansen en gelijke behandeling, ongeacht ras,
huidskleur, sekse, godsdienst, politieke overtuiging, vakbondslidmaatschap, nationaliteit,
maatschappelijke afkomst, gebreken of handicaps (ILO Conventies 100 en 111). 3. Geen gebruik van kinderarbeid
Er wordt geen gebruik gemaakt van kinderarbeid. Er worden alleen werknemers in dienst
genomen die niet langer leerplichtig zijn en in ieder geval 15 jaar of ouder zijn (ILO
Conventie 138). Er is geen sprake van vormen van slavernij of vergelijkbare praktijken,
zoals het verkopen en verhandelen van kinderen, gebondenheid door schuld en
lijfeigenheid en gedwongen arbeid. [...] Kinderen [in de leeftijd van 15-18] mogen geen
werk verrichten dat, door de aard van het werk of de omstandigheden waaronder het
werk wordt uitgevoerd, vermoedelijk schadelijk is voor hun gezondheid, veiligheid of
moraal (ILO Conventie 182).

4. Vrijheid van vakvereniging en recht op collectief onderhandelen
Het recht van alle werknemers om vakbonden op te richten, zich bij een vakbond aan te
sluiten en om collectieve onderhandelingen te voeren zal erkend worden (ILO Conventies
87 en 98). In situaties waarin het recht op vrijheid van vakvereniging en collectief
onderhandelen door de wet beperkt zijn, worden gelijksoortige oplossingen aangereikt
voor onafhankelijke en vrije verenigingen en onderhandelingen voor alle werknemers.
Werknemersvertegenwoordigers worden niet gediscrimineerd en krijgen toegang tot alle
werkruimten die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van hun vertegenwoordigende
taken (ILO Conventie 135 en Aanbeveling 143).

5. Betaling van een leefbaar loon
De lonen en uitkeringen die worden betaald voor een standaard werkweek zullen
minimaal overeenkomen met de wettelijke minimumnormen of met de normen die in de
bedrijfstak gebruikelijk zijn, en zullen altijd voldoende zijn om aan de basisbehoeften van
de arbeiders en hun gezin tegemoet te komen en om te voorzien in een zeker vrij
besteedbaar inkomen (ILO Conventies 26 en 131). Inhoudingen op het loon voor
disciplinaire doeleinden zullen niet worden toegestaan; inhoudingen op het loon voor
andere doeleinden zullen niet anders plaatsvinden dan wettelijk is toegestaan. De
inhoudingen zullen er nooit toe leiden dat de werknemer minder dan het hierboven
beschreven minimumloon ontvangt. Werknemers worden adequaat en duidelijk
geïnformeerd over hun loonspecificaties, waaronder het basisloon en de betalingsperiode.

6. Geen excessieve werktijd
De werktijden zullen in overeenstemming zijn met de gangbare wetten en normen die in
de bedrijfstak gelden. In geen geval zullen arbeiders verplicht worden op regelmatige
basis meer dan 48 uur per week te werken en zij zullen minimaal één vrije dag krijgen op
elke periode van 7 dagen. Het maken van overuren zal vrijwillig gebeuren, zal niet meer
bedragen dan 12 uur per week, zal niet op regelmatige basis vereist worden en zal altijd
additioneel gecompenseerd worden (ILO Conventie 1).

7. Veilige en gezonde arbeidsomstandigheden
Er zal gezorgd worden voor een veilige en hygiënische werkomgeving, rekening houdend
met de beschikbare kennis van de bedrijfstak en van mogelijke specifieke risico’s. Er
worden effectieve maatregelen getroffen ter voorkoming van ongevallen en schade aan
de gezondheid ten gevolge van of verband houdend met het werk. Risicofactoren in de
werksituatie worden geminimaliseerd voor zover dat in redelijkheid uitvoerbaar is (ILO
Conventie 155). Fysiek geweld, dreiging met fysiek geweld, ongewone straffen of
disciplinaire maatregelen en seksuele of andere vormen van intimidatie door de
werkgever zijn strikt verboden.

8. Wettige arbeidsovereenkomst
Verplichtingen ten opzichte van werknemers die voortvloeien uit sociale
verzekeringswetten en regelingen die gelden bij een reguliere arbeids-overeenkomst,
zullen niet vermeden worden door het invoeren van schijncontracten, of door
leercontracten waarbij niet de intentie bestaat om een reguliere arbeidsovereenkomst
aan te gaan. Jonge werknemers moeten de kans krijgen om deel te nemen aan opleiding
en scholingsprogramma's.
FWF verifieert of bedrijven de Gedragscode naleven. Dit maakt het verhaal van een
deelnemer geloofwaardig.